Een effectief bestuurder is zich bewust van zijn eigen 'oogkleppen' en organiseert dus tegenspraak. 



Kent u uw eigen oogkleppen al?
 
De ver doorgevoerde specialisatie van taken in moderne organisaties is geen nutteloze modegril maar een absolute voorwaarde om hoogwaardige diensten en producten doelmatig voort te brengen. We moeten ons wel specialiseren omdat de kennisgebieden steeds omvangrijker worden en omdat mensen nu eenmaal niet veel dingen tegelijk goed kunnen doen. Bovendien is ons vermogen om met ingewikkelde en veelomvattende informatie om te gaan beperkt. Om alles een beetje overzichtelijk te houden en de onzekerheid te begrenzen, delen we de waargenomen werkelijkheid in hapklare brokjes op. Hierbij gaan wij - zonder dit in de gaten te hebben - onzorgvuldig te werk. Ontkenning van feiten, vertekening van informatie, selectief waarnemen of onthouden en het via kronkelige redenaties invoegen van informatie in eigen, vertrouwde denkschema’s zijn veel - onbewust - toegepaste methoden om de werkelijkheid verteerbaar, dat wil zeggen herkenbaar en hanteerbaar te maken. Op deze wijze passen wij effectieve strategieën toe om onze onzekerheid te beperken. Bovendien is ons denken een trouwe volgeling van onze hoop, ons verlangen en dus ons eigenbelang. Kritische controle van de resultaten van onze eigen denkactiviteiten is zwak ontwikkeld. Zo ontstaan bij iedereen vooringenomenheid, blinde vlekken, belemmerende overtuigingen en oogkleppen. Staat u hierbij wel eens stil en bent u zich bewust van uw eigen (mentale) dwaalsporen??
 
Conflictmijding is soms verstandig, tegenspraak onontbeerlijk.
 
De beperkingen van ons denkvermogen (zie ‘oogkleppen’) bieden niet alleen verrassende verklaringen voor ons gedrag, maar vormen ook zwaarwichtige redenen om mensen die met grote verantwoordelijkheden zijn belast, aan leiding, toezicht of controle te onderwerpen. Het staat immers vast dat wij allen, ongeacht onze opleiding, kennis, ervaring, intelligentie of positie, fouten maken. Omdat de draagwijdte van beslissingen in de top genomen zo groot is en de schade van foute beslissingen overeenkomstig, zouden juist topfunctionarissen alles moeten doen om de kans op fouten zo klein mogelijk te maken. U moet dan denken aan diverse vormen van (verplichte) verantwoording en overleg, waarbij in mijn ogen de informele varianten het meest effectief zijn. Ik doel op constructief-kritische en stevige ‘tegensprekers’.
 
Bestuurders en topambtenaren moeten ervoor zorgen enkele van zulke types in hun onmiddellijke nabijheid met een topfunctie te bekleden, in plaats van de meelopers, ja-knikkers en vleiers die, het zij toegegeven, voor aanzienlijk meer rust en bevestiging zorgen. Misschien dat vervulling van de eerstkomende vacature een goede gelegenheid biedt om zo’n ‘tegenspreker’ eens uit te proberen. Ook het periodiek raadplegen van externe deskundigen is in dit verband waardevol.
 
Hans Berg





Hans Berg